Voor Zover Tijd Reikt

Meer dan dertig jaar geleden schreef ik de eerste zinnen en scènes van wat mijn eerste filmscenario moest worden. De titel was: ‘Voor Zover Tijd Reikt’.
Ik schreef tastend, intuïtief en gevoelsmatig. Ik probeerde iets ijls en onzegbaars te vangen in beelden en dialogen.
Het verhaal dat kwam bovendrijven speelde zich af in een huis in de duinen, nabij de zee. Het ging over een moeder en een dochter, over heden en verleden, over eeuwigheid en eindigheid. Over existentiële eenzaamheid, en het schemergebied van herinneringen, over hoe het verleden onherroepelijk doorwerkt in het heden. Over een kruispunt in de tijd waar heden en verleden samenvallen tot een eeuwig moment.

Een dochter kan geen verbinding aangaan met anderen.
In een schemerachtig verleden zijn dingen gebeurd: een vader is gestorven, een moeder is gebroken achtergebleven. Een kind staat er alleen voor. Haar moeder is onbereikbaar geworden, of misschien is ze dat wel altijd al geweest.
Jaren later – ze is nu achttien – komt ze van school, een kostschool in de bergen. Ze verlangt terug naar de zee. Ze reist naar huis, naar het huis in de duinen waar ze tot haar zesde jaar woonde. Naar haar moeder.
Een telefoontje met een noodlotstijding: haar moeder is overleden. De tijd implodeert, nu bevindt ze zich ‘in een andere tijd’.
Ze reist naar de stad. Ze vindt een kamer en een baantje. Ze heeft geen toekomstplannen. Ze leeft in een luchtledige. Ze komt in contact met een man, hij doceert filosofie aan de universiteit.
Ze ontmoet de zoon van de docent. Een vonk. Het geheim van de liefde openbaart zich aan haar maar ze kan de liefde niet aangaan. Niet voordat ze de liefde van haar moeder heeft gewonnen.
Maar hoe doe je dat, over dood en tijd heen?

Het was een verhaal waar ik me sterk mee verbonden voelde, dat voor mij een diepe betekenis in zich droeg, zonder dat ik precies uit kon leggen wat die betekenis was.
In diezelfde tijd verdiepte ik me in de kunst en kunde van het scenarioschrijven. En ik werd onzeker. Was het wel goed wat ik geschreven had? De methode die ik had toegepast deugde niet, zo leerde ik. Je moest beginnen met een logline en een synopsis. Je moest een treatment schrijven. Je moest in drie zinnen kunnen vertellen waar het verhaal over ging. Je moest een dramatische structuur inbouwen.
Daarbij: waren mijn ideeën niet te abstract? Te impliciet? Was wat ik wilde vertellen niet te ontoegankelijk? Ontbeerde het drama?
Ik begon te herschrijven. Door de jaren heen werkte ik er aan, ik probeerde het om te vormen tot een scenario dat aan de eisen en verwachtingen voldeed. Met als gevolg dat ik steeds verder verwijderd raakte van de oorsprong en de betekenis die het ooit had gehad.
Ik had intussen andere scenario’s geschreven, waarbij ik probeerde de regels in het oog te houden, al lukte dat niet altijd. Sommige werden gerealiseerd. In de vertaalslag naar de realisering had ik vaak het gevoel dat er iets verloren ging van wat ik bij het schrijven voor ogen had. Jaren later bereikte ik een dood punt. Ik twijfelde aan de legitimiteit van mijn opvattingen over film als medium dat het onzegbare kan vangen. Ik vertrouwde niet meer op mijn intuïtie. Ik zag de zin van mijn werk niet meer. Ik was afgedwaald en vastgelopen.
Ik moest iets terugvinden. Ik keerde terug naar Voor Zover Tijd Reikt. Ik wilde het verhaal niet onafgemaakt achterlaten en ik wilde een pad terug zoeken naar een oorsprong. Ik zou deze tocht aangaan zonder te weten naar welk doel het zou leiden, was de opdracht. Alle wetten en regels overboord gooien. Mijn intuïtie volgen, zonder vooropgezet idee waar het toe zou leiden.

Het resultaat is dit boek: een foto-tekstboek, dat zowel een verhaal is, als de weerslag van een proces. Fictie en non-fictie.

Het ontstond in samenwerking met Pieter en Anders Veltkamp.
De fotografie van Anders, en Pieter heeft de digitale bestanden gemaakt.
Toen de dummy klaar was, hebben we besloten het in kleine oplage te laten drukken.
Het drukwerk is verzorgd door drukkerij Raddraaier.
Het is in een oplage van 15 exemplaren gedrukt, die ik op dit moment met de hand aan het inbinden ben.

Elk boek wordt uniek: elk exemplaar krijgt een originele fotoafdruk en een ‘Papierberk Polaroid’.

Het formaat is 210X260 mm, en het heeft 208 pagina’s, 48 kleurenfoto’s, en 6 andere kleurenafbeeldingen.
Mocht je belangstelling hebben om een exemplaar te kopen dan kun je contact met mij opnemen. De prijs is 60,00 euro (exclusief verzending).
De boeken zullen naar verwachting half mei gereed zijn.

Pieps en Peter

“Aangrijpend verhaal over de Tweede Wereldoorlog. Zeer bijzonder boek door inhoud, vormgeving en illustraties.” (NBD Biblion)

“Wat een prachtig boek!! Ik heb het bijna in een adem uitgelezen. Wat een mooi verhaal, wat geweldig geschreven.  Het had me meteen te pakken en dat bleef zo tot het einde. Ik heb ondertussen ook erg genoten van de tekeningen. 
Kinderen zullen het met rooie oortjes lezen en het is ook een grandioos boek om voor te lezen. Ik was op meerdere momenten erg ontroerd.  Waarschijnlijk omdat het zo goed laat voelen, dat die tijd zo verschrikkelijk lang duurt als het maar niet vooruit wil met de bevrijding, de voorlopige verblijfplaatsen en het wachten op weer terug naar normaal. Zeker voor kinderen, voor wie de tijd altijd al veel langzamer gaat. Dat is allemaal heel invoelbaar beschreven.”

Pieps en Peter
Kinderboek

Pieps en Peter is het ware verhaal van de negenjarige Peter die tijdens het bevrijdingsoffensief in 1944 met zijn negen broers en zussen zijn en dorp in de Betuwe moet ontvluchten. Na aanvankelijk rustige oorlogsjaren komt het dorp tijdens Operatie Market Garden middenin de frontlinie te liggen. Zijn moeder, die arts is, en zijn poes Pieps blijven achter. Wat een evacuatie voor één of twee nachtjes zou zijn, wordt een wekenlange zwerftocht waarbij het gezin verspreid raakt over verschillende boerderijen in de Betuwe. Peters moeder is voortdurend op pad om patiënten, die her en der verspreid zitten en gewonde soldaten te verzorgen, terwijl Peter en zijn broers en zusjes zich op de boerderij waar ze zijn opgevangen moeten vermaken. Intussen komt het oorlogsgeweld steeds dichterbij en maakt hij zich grote zorgen over Pieps. Weken later is de Betuwe nog altijd niet bevrijd en wordt de toestand zo gevaarlijk dat ze worden geëvacueerd naar Eindhoven. 

Zijn jongste broertjes en zusjes, en zijn oudste zus Ans, blijven in het oorlogsgebied achter omdat die ergens anders zijn ondergebracht en de weg naar bevrijd gebied te gevaarlijk is geworden.

En Pieps blijft ook achter…

Het duurt weken voordat Peters kleinste zusjes en broertjes terecht zijn. Het gezin is dan herenigd, maar Pieps is nog steeds in het oorlogsgebied. Als na een lange winter de bevrijding eindelijk een feit is, kan Peter nog steeds niet naar huis. Met zijn broers en zussen wordt hij naar zijn tante in Utrecht gestuurd, terwijl moeder gaat proberen de zaken thuis op orde te krijgen voor hun terugkeer.

Intussen blijft Peter hopen op hereniging met Pieps.

De illustraties zijn van Pieter Veltkamp.
Onderaan elke pagina vertellen gestileerde zwart-wit beelden het verhaal van Pieps. Als de poes is achtergebleven in de Betuwe en niemand weet wat zich daar afspeelt, zien wij in de illustraties door de ogen van de poes hoe de oorlog daar huishoudt en hoe zij zich in leven houdt in het onder water gezette land dat tijdens de strenge winter veranderde in een ijzig landschap, temidden van de aanhoudende gevechten om de bruggen over de rivieren.

Het verhaal is gebaseerd op de ware geschiedenis van het gezin Van de Burg uit Heteren.

Op het Youtube-kanaal van Jan Maarten Dalmeijer is meer historisch filmmateriaal van de familie van den Burg te zien.

‘Pieps en Peter’ is uitgegeven bij uitgeverij Stili Novi.

Voor meer informatie, vragen en bestellingen van boeken kun je contact met mij opnemen via mijn emailadres: martinenijhoff@cs.com

Boomtelling

Boomtelling | Tree Count
Martine Nijhoff │ Anders Veltkamp │Pieter Veltkamp

Boek en expositie

Dertig jaar geleden bestond ons stuk Toscaans land van 2,5 hectare uit kale, braakliggende terrassen. Er stonden alleen hier en daar wat olijfbomen langs de randen van de terrassen en daartussen verwilderde druiven. Door het land ongemoeid te laten kwamen er vanzelf bomen op. Eiken, esdoorns, meidoorns, een verspreide den.

Onder de bomen ontstonden diverse ecosystemen. Sommige velden staan in de lente vol met orchideeën, andere plekken zijn woest en ondoordringbaar met braamstruiken, wilde rozen en brem.

Het project begon met het tellen en systematisch vastleggen van elke boom op het terrein. We maakten op deze manier een inventarisatie van het nieuw ontstane bos op ons land en willen tegelijkertijd elke afzonderlijke boom fotografisch vastleggen in  een individueel portret.

Op die manier willen we de intrinsieke waarde van elke boom benadrukken. De bomen zijn opgegroeid op het land dat wij toevallig hebben gekocht maar daarmee niet ‘van ons’. Zij hebben een autonoom recht op bestaan. Bomen zijn al veel langer bewoners van deze aarde. De oude eik op ons land staat er al van voor onze tijd en veel van de jonge eiken zullen er nakomelingen van zijn. Zij zijn voor ons belangrijk om wat ze ons bieden: opname van CO2, een beter microklimaat, opname van fijnstof, het aanmaken van bosgrond, het koelen van de lucht, en het huisvesten van diersoorten. Maar hun recht van bestaan is daar niet van afhankelijk.

Tree Count │Boomtelling startte vanuit een eenvoudige, pragmatische vraag,  een die uit typisch menselijk eigenbelang voortkomt: welke te berekenen deel van onze ecologische schuld lossen we af met onze bomen?  Maar al snel werd het een wijdlopend onderzoek naar de grote vragen en thema’s rond de tijd waarin we leven: hoe zorgen we ervoor dat de aarde leefbaar blijft? Kunnen we nog iets doen, of is een catastrofe onafwendbaar? Hoe gaan we om met het wetenschap dat we de oorzaak zijn van de teloorgang van de natuur en wellicht van de wereld? Wat doet dit met onze psyche? Hebben we wel het recht om bomen – vaak ouder dan we ons kunnen voorstellen – te kappen voor ons gewin? Moeten we niet meer eerbied voor de natuur tonen, voor bomen, voor het besef dat we de aarde niet bezitten, dat we het recht niet hebben om ons alles wat er op aarde leeft toe te eigenen en te exploiteren voor ons nut. Moeten we ons als mens niet bescheidener opstellen ten opzichte van de wezens die op deze aarde al veel langer aanwezig zijn?

We verdiepten ons in software waarmee je via de omvang van de kruin van een boom de hoeveelheid CO2 kunt berekenen die wordt opgenomen, maar ook in boeken over het gecompliceerde ondergrondse leefsysteem van bomen. We lazen fictie en non-fictie waarin de boom een centrale rol had, en doken in de pessimistische essays van het Dark Mountain Project. We lazen elk artikel over ontbossing en de bedreiging van eco-systemen die we onder ogen kregen. En dan waren er veel. We leerden over de economische systemen die hiermee samenhangen, en zagen psychologische rapporten over het verschijnsel milieudepressie en landschapspijn. We stelden ons vragen over onze verhouding als mens tegenover de natuur en verdiepten ons in de filosofische context van deze vragen.

Tijdens het onderzoek maakten we een emotioneel proces door: van pragmatisme en optimisme naar pijn van verlies, naar gevoelens van pessimisme, machteloosheid en zelfs wanhoop, om tenslotte uit te komen bij het punt waarop we ons realiseerden dat niet alleen het bos maar ook het project zelf een toevluchtsoord was geworden in een wereld die bedreigd wordt, waarbij de betrekkelijkheid van ons bestaan in de grote geschiedenis van de aarde een idee is dat troost biedt.

Boek

Het boek bevat foto’s en tekst. De centrale vraag is hoe je in deze tijd moet leven, schuldig aan de ecologische uitputting van de aarde, en in het besef dat deze aarde feitelijk tot ondergang gedoemd is.
Het onderzoek en het sombere perspectief leidde op een bepaald punt ook tot een persoonlijke crisis, gevolgd en een zoektocht naar hoop.

De hoofdlijn zal bestaan uit brieven aan een fictief personage, die het emotionele en psychologisch proces – van pragmatisme en optimisme naar pijn van verlies en gevoelens van pessimisme en machteloosheid en zelfs wanhoop – weerspiegelt. Om tenslotte uit te komen bij een punt waarop de ik-persoon zich realiseert dat niet alleen het stukje land waar zij zich terug trekt, bos maar ook het Boomproject zelf een toevluchtsoord is geworden in een wereld die bedreigd wordt.

Expositie

De expositie toont een portrettengalerij van 1288 individuele bomen en een aantal levensgrote beelden van het bos. Op de vloer komen 1288 potten met zaailingen van eiken.
Op verschillende plekken in dit gerepresenteerde bos zijn audio-fragmenten te beluisteren of teksten te lezen die de bezoeker door de fasen en de thema’s van ons onderzoek leiden, om te eindigen op een plaats van bezinning. Bijna als een open plek in een bos na een contemplatieve wandeling. Hier kunnen we uitrusten bij de moederboom en naar de sapstroom luisteren van de monumentale eik op ons land, de moederboom van de zaailingen in de ruimte.

Wie wij zijn

Martine Nijhoff: concept/onderzoek/teksten
Pieter Veltkamp: concept/fotografie (www.finestrini.com)
Anders Veltkamp: concept/fotografie  (www.finestrini.com)

De urgentie om deze tentoonstelling te maken is groot.

Een Heel Bijzondere Hond

‘liefe Buodewijn
Waarom ben je naar Itaalieje gegaan?
Je zou nog draak zijn. Kom trug.
Je vrient Pieter.’

‘Een heel bijzondere hond’ gaat over Pieter en zijn hond Boudewijn, die heel bijzonder is, omdat hij altijd vrolijk is en alles begrijpt. Pieter en Boudewijn schrijven zelfs brieven aan elkaar, als de hond moet verhuizen. Ze zijn de beste maatjes. Wat het boek extra bijzonder maakt, is dat Boudewijn echt bestaat. De kinderen van schrijfster Martine Nijhoff hebben zelf ook een hond die Boudewijn heet. Hij woont, net als in het boek, in Italië. En de kinderen schrijven, net als Pieter, brieven aan hem. ‘Een heel bijzondere hond’ is een mooi boek om te zien, als je ernaar kijkt, word je nieuwsgierig en krijg je zin om het te lezen!

Pieter woont samen met zijn ouders Ida en Hendrik en zijn hond Boudewijn in een bovenhuis in de stad. Pieter denkt dat ze heel gelukkig zijn, maar dit verandert als Hendrik ineens vertrekt en Boudewijn met zich meeneemt. Nu is Pieter niet alleen zijn vader kwijt, maar ook zijn hond! Hij is erg verdrietig, maar vooral ook boos. Omdat Pieter zijn hond zo mist, gaat hij hem brieven schrijven. En hij krijgt brieven van Boudewijn terug! Hij schrijft over zijn leven in Italië, en over de reden dat Hendrik en hij weg moesten. Op een makkelijke en grappige manier leer je, samen met Pieter, een klein beetje begrijpen wat er gebeurd is tussen de ouders van Pieter. En door deze brieven gaat Pieter in de zomervakantie naar Italië toe. Hier ontdekt hij dat hij zijn vader en Boudewijn niet echt kwijt is…

Van: leesfeest.nl

‘Een heel bijzondere hond’ is een bijzonder boek door de gekozen perspectieven, de verschillende verhaallijnen, maar vooral omdat de auteur erin geslaagd is de gevoelens van een jongen zo te verwoorden en te tekenen dat de emoties van de pagina’s af lijken te spatten.

Van: vijftigwereldboeken.nl

Haar stijl is schijnbaar eenvoudig, maar met veel informatie tussen de regels door en haar dialogen zijn levensecht, zoals te verwachten van een scenarioschrijfster.

‘Gek eigenlijk, dacht Pieter, wat goed is voor de een, is juist helemaal verkeerd voor de ander.’ En het verhaal gaat weer door. Prachtig toch?! Met dit soort kleine observaties zit het boek vol.

‘Een heel bijzonder hond’ is een boek dat je niet gauw vergeet, omdat het eerlijkheid uitstraalt en omdat de schrijfster onvoorwaardelijk voor Pieter kiest. De volwassenen maken er regelmatig, maar wel op een begrijpelijke manier, een potje van. Qua sfeer en schrijversstandpunt is haar werk te vergelijken met dat van Guus Kuijer en het raakt je net zo.

Zeer origineel, humoristisch en heel veel werk. Je kunt het boek op deze manier eigenlijk twee keer lezen. ‘Een heel bijzondere hond’ is een aanrader!

Van: Leesgoed, 2003, nummer 8

Zowel het verhaal als de strip brengen het emotionele onderwerp met een luchtigheid en een relativeringsvermogen waar kinderen wat aan hebben, zeker zij die in een zelfde soort situatie verkeren. Het leest gemakkelijk en de strip voegt werkelijk iets aan het verhaal toe. Of je die nu los van het verhaal of tegelijk leest, maakt niet uit. Je verliest nergens de draad. Het blijft boeien tot het eind, als vader en zoon (en hond) in de vakantie herenigd worden.

Van: Leeuwarden Courant, 05/03/04

Prachtig hoe Hendrik hierop inspeelt en vanuit het perspectief van de hond schrijft, zonder dat dit ergens genoemd wordt, ook niet tijdens de vakantieperiode.

Met dit fraaie debuut laat de auteur zien dat ze een goed inlevingsvermogen heeft. Haar ervaring in het schrijven van scenario’s heeft ze optimaal uitgebuit, waardoor ze de lezers kan laten meevoelen in de emoties van de vader, de moeder en het kind.

Van: Friesch Dagblad

Wat ‘Een heel bijzondere hond’ tot een nog spannender leeservaring maakt, is dat langs de onderkant een stripverhaal is getekend waarin Boudewijn op zoek gaat naar de verloren knuffel van Pieter.

Van: de Volkskrant

Tippe

Tippe verwondert zich voortdurend over alles wat om haar heen gebeurt en vindt de gewone dingen niet altijd vanzelfsprekend. Ze heeft een grappige, héél eigen kijk op het leven. Naast haar woont de vier jaar oude Wander. Tippe en Wander zijn echt vriendjes van elkaar. Hun vriendschap staat altijd centraal. Samen beleven ze kleine, maar voor kinderen grootse en herkenbare avonturen. Dankzij hun vriendschap brengen ze alle avonturen tot een goed einde. En hoewel ze heel erg van elkaar verschillen, blijven ze altijd de beste vriendjes.

De 6-jarige Tippe beleeft met haar buurjongetje Wander (4 jr.) buiten schooltijd uit het dagelijks leven gegrepen avonturen in een voor kleuters herkenbare wereld: in en om het huis en de nabije omgeving van het huis.

Tippe is gerealiseerd in co-productie met de KRO Jeugd en ondersteund door het Stimuleringsfonds. 

Kleuterdramaserie, KRO. 5×9′. Scenario en regie. Producent: IJswater Films.

2006 Selection Divercine Film Festival Montevideo
2005 Nominatie Cinekid Kinderkast Televisieprijs
2005 Finalist Prix Janube
2005 Selectie Japan Prize

Tippe wordt nog steeds regelmatig door de KRO uitgezonden

Regie & Scenario
Martine Nijhoff

Cast
Lisette Livingston
Marijn Bekkenk
Sam Kosterman
Maud Kosterman

Producent
Marc Bary, IJswater Films

D.O.P.
Pieter Huisman

Editor
Sander Kuipers (Phanta Vision)

Geluid
Reneé de Kruijf

Muziek
David van der Heijden

5×10 minuten, 2005

Zevenbergen

Jeugdfilm over de eeneiige tweeling Tom en Marnix die in één bed slapen en altijd alles samen doen. Maar ineens vinden hun ouders dat de jongens daar te oud voor zijn en ze proberen de tweeling uit elkaar te halen. Wanneer de tweeling verkering krijgt met Rosa, reageert de buitenwereld afkeurend. Samen met Rosa gaan ze op zoek naar een plek waar ze wel zichzelf kunnen zijn.

Scenario: Martine Nijhoff

Regie: Janneke van Heesch
Productie: VPRO & Family Affair Films

22 minuten
Nu of Nooit 2017

Heen en Weer Dag

Synopsis:
Door de ogen van de de 9-jarige Linus beleven we de dag dat zijn moeder en haar nieuwe vriend de spullen uit huis komen halen. De impact van een scheiding, verbeeld door de details van de verhuizing.

Scenario Martine Nijhoff (naar een boek van Stefan Boonen)

Regie Mirjam de With
Producent: Family Affair Films

Cast: Faas Wijn, Jeroen Spitzenberger, Rifka Lodeizen

Adriaans Plaag

scenario Martine Nijhoff en Jos Driessen
regie Jos Driessen
producent Rolf Koot

Drama, 35 mm, 10 minuten

Met Theo Maassen, Herman van de Wijdeven en Betty Schuurman.

Officiële selectie korte filmfestival van Clermont-Ferrand.

In de intensieve veehouderij slaat het noodlot toe. Als de MKZ-crisis tijdelijk bedwongen lijkt, is er varkenspest, of het zoveelste geval van BSE. Tegen deze achtergrond speelt dit korte boerendrama.

De veertigjarige varkensboer Adriaan balanceert op de rand van faillissement. Bovendien is zijn huwelijk met Maria, tot beider teleurstelling, kinderloos gebleven. Als een veevoerhandelaar (Theo Maassen) hem een partij goedkoop voer aanbiedt, grijpt Adriaan deze kans met beide handen aan. Maar dan breekt er varkenspest uit onder zijn varkens. Hij verzwijgt dit voor zijn vrouw en probeert de louche handelaar onder druk te zetten. Maar al snel blijkt dat Adriaan degene is die onder druk wordt gezet.

Voor Zover Tijd Reikt

Hoe maak je wezenlijk contact met de ander? Wat is de betekenis van het menselijk bestaan binnen de context van de eeuwigheid? Hoe kun je iemand liefhebben terwijl je de ander nooit tot in zijn diepste wezen kunt kennen? Wie zijn we, wat betekenen onze levens? Hoe kun je niet alleen zijn?

Voor Zover Tijd is een verhaal. Over een moeder en een dochter, over heden en verleden, over eeuwigheid en eindigheid. Over de zee.

Het is tevens de weerslag van een proces. Over beginnen en afdwalen. Over vastlopen. Over tasten in een duisternis. Luisteren. En opnieuw beginnen.

Tekst
Martine Nijhoff